In Amsterdam-Centrum laait het gesprek op over een stad die snel verandert. Bewoners spreken over weemoed: hogere huren, druk toerisme en minder ruimte voor gewone buurtwinkels. De Gemeente Amsterdam werkt aan maatregelen voor wonen, verkeer en de binnenstad. De inzet is nu en komende jaren: hoe blijft de hoofdstad betaalbaar en leefbaar voor iedereen?
Amsterdam-Centrum remt overlast in Wallen
In de Wallen, rond de Oudezijds Achterburgwal, voerde de gemeente strengere regels in. Roken van cannabis op straat is verboden en cafés en ramen sluiten eerder in het weekend. Wethouder Sofyan Mbarki (PvdA, Economische Zaken en Binnenstad, op het moment van schrijven) zet ook in op de ‘Stay Away’-campagne tegen overlasttoerisme. Nieuwe hotels zijn vrijwel niet meer toegestaan door de aangescherpte hotelstop.
Doel van deze aanpak is meer rust voor bewoners en werknemers in Amsterdam-Centrum. Winkeliers klagen al jaren over opstoppingen en nachtelijk lawaai. Met gerichte handhaving wil de gemeente de druk op smalle straten verlagen. Ook zet de stad in op spreiding van bezoekers buiten de historische binnenstad.
Voor ondernemers betekent dit aanpassing van openingstijden en bedrijfsvoering. Toeristische winkels krijgen minder ruimte om zich te vestigen. Horeca moet rekening houden met strengere regels voor alcoholverkoop en geluid. De gemeente monitort de effecten en stuurt bij waar nodig.
Op het moment van schrijven: ruim 22 miljoen hotelovernachtingen in 2019, vóór corona — de lat voor minder overlast en betere spreiding ligt hoog.
Wethouder Reinier van Dantzig stuurt op 40-40-20
Op de woningmarkt houdt wethouder Reinier van Dantzig (D66, Wonen, op het moment van schrijven) vast aan de 40-40-20-norm bij nieuwbouw. Dat is 40 procent sociale huur, 40 procent middenhuur of betaalbare koop en 20 procent vrije sector. In gebieden als IJburg (stadsdeel Oost), Buiksloterham (Noord) en delen van Zuidoost wordt hierop gestuurd. Zo wil de gemeente een gemengde en betaalbare stad houden.
Woningcorporaties en marktpartijen bouwen samen, met afspraken over prijscategorieën en toewijzing. Bij veel woningen in Amsterdam is sprake van erfpacht: de grond blijft van de gemeente en de bewoner betaalt een jaarlijkse vergoeding. Dat systeem moet ook betaalbaarheid en regie borgen. Corporaties benadrukken dat bouwkosten en rente hoge druk geven op de plannen.
Voor Amsterdammers betekent dit dat er meer keuze moet komen in het middensegment. Starters en onderwijzers, zorgmedewerkers en agenten vallen nu vaak tussen wal en schip. De 40-40-20-norm moet die groep vasthouden in de stad. De gemeente koppelt dit aan strengere eisen voor kwaliteit en duurzaamheid.
Opkoopbescherming houdt starters in de wijk
Amsterdam voert sinds 2022 opkoopbescherming in grote delen van de stad. Wie een woning onder een vastgestelde prijs koopt, moet er zelf gaan wonen. Verhuren mag dan niet zomaar meer, om beleggers te weren. De maatregel geldt in onder meer De Baarsjes en Bos en Lommer (West) en de Indische Buurt (Oost).
Met intensieve handhaving wil de gemeente schijnbewoning tegengaan. Buurtteams en controleurs kijken naar meldingen en huuradvertenties. Bij overtreding kan een boete volgen. Zo moeten meer betaalbare woningen beschikbaar blijven voor huishoudens die in de wijk willen wonen.
De opkoopbescherming is een landelijke mogelijkheid die gemeenten lokaal kunnen inzetten. Amsterdam gebruikt die op grote schaal vanwege krapte en prijsdruk. Makelaars merken minder interesse van beleggers in de goedkopere segmenten. Starters en jonge gezinnen zien iets meer kans op een koopwoning dichtbij werk en school.
30 km/h maakt straten rustiger in West
Sinds december 2023 geldt op verreweg de meeste Amsterdamse straten 30 km/h. Wethouder Melanie van der Horst (D66, Verkeer en Vervoer, op het moment van schrijven) wil hiermee het aantal ongevallen en de geluidsoverlast terugdringen. In stadsdeel West merken bewoners minder hardrijden in woonstraten. Op hoofdwegen blijft 50 km/h wel mogelijk.
Het GVB paste dienstregelingen aan waar nodig. Reizigers kunnen soms een paar minuten langer onderweg zijn. In ruil daarvoor verwacht de gemeente meer verkeersveiligheid en betere doorstroming op drukke kruispunten. Fietsers en voetgangers krijgen bovendien meer ruimte.
Ondernemers in smalle winkelstraten melden minder hinder van snel verkeer bij laden en lossen. Bewoners ervaren meer rust, vooral in de avond. Handhaving en herinrichting van kruispunten moeten het effect bestendig maken. De komende tijd monitort de gemeente de resultaten per wijk.
Kleine winkels onder druk in de binnenstad
In Amsterdam-Centrum staan traditionele buurtwinkels al jaren onder druk door hoge huren. Veel panden gaan naar ketens of toeristische formules. De gemeente beperkt nieuwe toeristenwinkels in delen van de historische binnenstad met speciale regels. Doel is het behoud van variatie in het winkelaanbod.
In de 9 Straatjes en rond de Dam krijgt detailhandel meer regels om eenzijdigheid te voorkomen. Verhuurders zoeken vaak de hoogste bieders, waardoor lokale ondernemers het moeilijk hebben. Met branchering en welstandsregels probeert de gemeente bij te sturen. Dat vraagt wel om stevige handhaving en duidelijke vergunningseisen.
Bewoners zien hierdoor langzaam weer ruimte voor ambacht en dienstverlening. Tegelijk blijft de druk groot door bezoekersstromen en online winkelen. Initiatieven zoals markten en buurtfondsen helpen om levendigheid te houden. Zo blijft de binnenstad niet alleen een decor voor toeristen, maar ook een plek om te wonen en werken.

