De Vervoerregio Amsterdam en de gemeenten Amsterdam en Haarlemmermeer kiezen voor een bovengrondse metro tussen Station Zuid en Schiphol. De voorkeursrichting is deze week vastgesteld om sneller en goedkoper te kunnen bouwen. Het plan moet de druk op de A4 en de trein verlichten en de Zuidas beter verbinden met de luchthaven. Dit past in de koers voor duurzaam vervoer in de stad.
Bovengrondse route gekozen
De regio kiest voor een metro boven de grond tussen Amsterdam-Zuid en Schiphol. Het gaat om een uitbreiding van de Noord/Zuidlijn vanuit Station Zuid. De lijn wordt langs de A4 ingepast, in overleg met Rijkswaterstaat en Schiphol. De exacte ligging en haltes worden later uitgewerkt.
De partijen geven aan dat de bovengrondse variant minder bouwrisico’s kent dan een tunnel. Ook is de bouwtijd vaak korter, waardoor reizigers sneller voordeel hebben. Het college van B en W wil met deze keuze de bereikbaarheid van de Zuidas en de luchthaven verbeteren. Dit moet ook files en drukte op de bestaande spoorlijn helpen verminderen.
Aan tafel zitten de Vervoerregio Amsterdam, de gemeente Amsterdam, de gemeente Haarlemmermeer, de provincie Noord-Holland en Schiphol. Op het moment van schrijven is Melanie van der Horst (D66) wethouder Mobiliteit in Amsterdam. De gemeenteraad en de regioraad krijgen de plannen later formeel voorgelegd. Dan volgen ook besluiten over geld, ontwerp en planning.
Snellere verbinding voor Zuid
Voor bewoners en werknemers in Amsterdam-Zuid betekent dit een snellere, directe verbinding met de luchthaven. Reizigers op de Noord/Zuidlijn krijgen een rechtstreekse metro naar Schiphol. Dat maakt overstappen via Lelylaan of het drukke perron op Station Zuid vaak overbodig. De Zuidas en Buitenveldert worden zo beter bereikbaar.
Station Zuid groeit als het belangrijkste overstappunt in de stad. De metro sluit daar aan op de trein, tram en bus. Met de verlenging worden werkdagen en vroege vluchten makkelijker te halen. Ook studenten en medewerkers van de VU en het Kenniskwartier profiteren.
Of er extra haltes komen tussen Zuid en Schiphol, wordt nog onderzocht. De gemeente bekijkt waar nieuwe stations logisch zijn voor wijken en werkgebieden. Daarbij wordt gelet op loopafstanden, ruimte op straat en geluid. Bewoners kunnen in een later stadium reageren op varianten.
Steun voor woningbouwplannen
De keuze helpt grote bouwplannen aan de zuidwestkant van de stad. Het gaat onder meer om het Schinkelkwartier, op de grens van stadsdeel Zuid en Nieuw-West. Nieuwe woningen vragen om sterk openbaar vervoer. De metro biedt een alternatief voor de auto en de drukke buslijnen.
Ook de Zuidas groeit verder, met meer kantoren en voorzieningen. Goede ov-verbindingen zijn daar een randvoorwaarde voor banen en bereikbaarheid. De gemeente wil hier een autoluwe omgeving, met ruimte voor fietsen en voetgangers. De metro past in die langetermijnkoers.
De Vervoerregio, die het openbaar vervoer in de regio Amsterdam organiseert en financiert, ziet het project als onderdeel van de schaalsprong in het ov. Daarmee wordt bedoeld dat het netwerk meer mensen en nieuwe wijken moet kunnen bedienen. Inpassing langs de A4 maakt koppelingen met bestaande infrastructuur mogelijk. Dat kan tijd en geld schelen bij de uitvoering.
Kosten en tijdspad
Een bovengrondse metro is naar verwachting goedkoper dan een tunnel. Er zijn minder complexe werkzaamheden diep onder de grond nodig. Ook zijn risico’s op tegenvallers kleiner. Dat maakt financiering en planning beter beheersbaar.
Definitieve bedragen en termijnen worden later bekendgemaakt. Eerst volgen onderzoeken, zoals een milieueffectrapport, en een voorkeursbesluit. Daarna komen ontwerp, vergunningen en aanbesteding aan de beurt. Pas dan start de bouw.
“Bovengronds bouwen is doorgaans goedkoper en sneller dan een tunnel.”
Voor het geld kijken de partners naar het Rijk via het MIRT, naar de Vervoerregio en naar bijdragen van betrokken overheden. De gemeenteraad van Amsterdam beslist over de stedelijke inzet. Ook Schiphol en de gemeente Haarlemmermeer zijn belangrijke financiers en beheerders. Afstemming met ProRail en Rijkswaterstaat is nodig voor sporen en snelwegen.
Hinder tijdens de bouw
Bouwen langs de A4 en bij Station Zuid geeft onvermijdelijk hinder. Denk aan bouwverkeer, omleidingen en geluid. De gemeente belooft maatregelen om overlast te beperken. Zo kan gewerkt worden met geluidschermen en vaste bouwroutes.
Stadsdeel Zuid en stadsdeel Nieuw-West organiseren informatieavonden zodra er ontwerpen liggen. Buurtbewoners en ondernemers kunnen dan reageren op het plan. Ook worden afspraken gemaakt over werktijden en bereikbaarheid van winkels. Voor nood en klachten komen contactpunten beschikbaar.
De Zuidasdok-werkzaamheden blijven een aandachtspunt bij de planning. Beide projecten raken Station Zuid en de omgeving. De gemeente wil dat bouwstappen op elkaar aansluiten. Zo blijft de stad zo veel mogelijk bereikbaar.
Duurzaam vervoer in de stad
De keuze voor de metro past bij het mobiliteitsbeleid van de hoofdstad. Het stadsbestuur wil groei opvangen met schoon en snel ov. Minder autoverkeer geeft ruimte en schone lucht. Dat sluit aan bij de klimaatdoelen van Amsterdam.
Voor Schiphol-werknemers biedt de metro een betrouwbaar alternatief voor de auto. Dat is belangrijk op piekmomenten en bij wisseldiensten. Ook voor bezoekers wordt de luchthaven eenvoudiger bereikbaar met het ov. Dat kan de druk op parkeerplaatsen rond Schiphol verlagen.
De verlenging biedt kansen om buslijnen in Nieuw-West anders in te richten. Lijnen kunnen korter en sneller aansluiten op de metro. Zo ontstaat een netwerk met hogere frequenties. Reizigers merken dat in kortere wachttijden en betrouwbare overstappen.

