• Home
  • /
  • Nieuws
  • /
  • Koert-Jan de Bruijn: nooit langer dan twee weken weg van Amsterdam-Noord
  • januari 24, 2026

Presentator Koert-Jan de Bruijn (49) laat weten dat zijn leven zich afspeelt tussen de Alpen en Amsterdam-Noord. Hij kiest bewust voor kortere perioden weg van huis. Daarom spreekt hij met opdrachtgevers af nooit langer dan twee weken achter elkaar te reizen. Die keuze raakt aan hoe veel creatieve zzp’ers in de hoofdstad werken en leven.

Leven tussen Alpen en Noord

Koert-Jan de Bruijn werkt regelmatig vanuit Amsterdam-Noord en reist voor opdrachten naar de Alpen. Noord is de laatste jaren uitgegroeid tot een plek voor makers en media. Denk aan de NDSM-werf, EYE Filmmuseum en de A’DAM Toren. Daar zitten studio’s, bureaus en podia die makers aantrekken.

Voor Amsterdammers in de creatieve sector is internationaal werken normaal. Tegelijk blijft de stad de uitvalsbasis. Dat vraagt om plannen en balans in agenda’s. De Bruijn past daarin met zijn keuze voor korte periodes weg.

De verbindingen in Noord maken dit makkelijker. De pont over het IJ, Station Noord aan de Noord/Zuidlijn en snelle fietsroutes helpen. Zo blijft werk in de stad goed te combineren met reizen. Dat sluit aan bij duurzaam vervoer in de stad.

In buurten als Overhoeks en rond de NDSM-werf wonen en werken veel makers. Bewoners zien hier een mix van wooncomplexen, ateliers en horeca. Die mix geeft levendigheid, maar ook drukte. Duidelijke keuzes in werkritme geven houvast aan zowel makers als buren.

Maximaal twee weken weg

De Bruijn heeft een heldere grens in zijn werkafspraken. Hij wil niet langer dan twee weken achter elkaar weg zijn. Zo bewaakt hij rust en regelmaat in Amsterdam. Dat is een praktische keuze in een sector met wisselende roosters.

“Ik heb met mijn opdrachtgevers afgesproken dat ik niet langer dan twee weken achter elkaar weg wil. Dat vind ik te veel.”

Veel freelancers in de hoofdstad herkennen die grens. Zij werken projectmatig en vaak op meerdere plekken. Kortere buitenlandse klussen en meer thuisbasis in Amsterdam helpen dan. Dat geeft ruimte voor vaste dagen in de stad en contact met opdrachtgevers hier.

De gemeente Amsterdam vraagt gesubsidieerde instellingen om eerlijk te betalen volgens de Fair Practice Code. Dat is een afspraak over redelijke tarieven en goede voorwaarden in de cultuursector. Het Amsterdams Fonds voor de Kunst let hier op bij toekenning van subsidies. Betere afspraken geven makers meer grip op tijd en inkomen.

Kortere verblijven in het buitenland betekenen vaker opnemen, repeteren of monteren in de stad. In Noord zijn daarvoor studio’s en werkplaatsen beschikbaar. Dat is goed voor lokale bedrijven en voor voorspelbare roosters. Het maakt samenwerken met teams in Amsterdam makkelijker.

Wat dit betekent in Noord

In stadsdeel Noord groeit het aantal creatieve bedrijven en producties. Horeca rond NDSM en van der Pek profiteert van werkende makers door de week. Als crews vaker in Amsterdam blijven, spreidt dat de drukte. Ondernemers zien dan minder pieken en dalen.

Bereikbaarheid speelt hierbij een grote rol. De Noord/Zuidlijn verbindt Noord snel met de Zuidas en de binnenstad. De ponten naar Centraal en het IJplein blijven cruciaal. Voor kortdurende opnames is dat sneller en schoner dan auto’s heen en weer.

Ook bewoners merken het verschil. Minder lange afwezigheid van reizende buurtgenoten betekent meer betrokkenheid in de wijk. Mensen hebben tijd voor sportclubs, scholen en buurtinitiatieven. Dat versterkt het sociale weefsel in Noord.

Voor de openbare ruimte is spreiding van werkstromen gunstig. Minder bestelbusjes en minder ad-hoc logistiek scheelt overlast. De gemeente werkt ondertussen aan betere loop- en fietsroutes in Noord. Zo blijft de wijk leefbaar als werkplek én woonplek.

Breder beeld in de stad

Het verhaal van De Bruijn past in een bredere beweging in Amsterdam. Makers kiezen vaker voor duidelijke grenzen in tijd en reizen. Ze combineren internationale opdrachten met een sterke basis in de stad. Dat houdt werk en privé in balans.

Het stadsbestuur stimuleert duurzaam reizen waar dat kan. Voor dienstreizen van de gemeente geldt: de trein als het kan, het vliegtuig alleen als het moet. Culturele instellingen in de hoofdstad nemen dat vaak over in eigen beleid. Dat drukt uitstoot en bespaart reistijd.

Grote evenementen in Amsterdam, zoals film- en muziekfestivals, plannen steeds vaker hybride. Een deel live in de stad en een deel online. Dat maakt meedoen mogelijk zonder wekenlange afwezigheid. Makers kunnen zo in Amsterdam blijven doorwerken.

De keuze van De Bruijn is persoonlijk, maar herkenbaar voor veel Amsterdammers. Korter weg, vaker hier: het past bij de creatieve economie van de hoofdstad. Noord is daarbij een logische uitvalsbasis. De stad biedt de infrastructuur, de rest is maatwerk per maker.

{"email":"Email address invalid","url":"Website address invalid","required":"Required field missing"}
>