Het Openbaar Ministerie (OM) heeft deze week een aangifte van smaad rond Marco Borsato geseponeerd. Er komt daardoor geen strafzaak over dit specifieke punt. Voor Amsterdam is dit relevant, omdat veel soortgelijke online kwesties ook bij de Rechtbank Amsterdam kunnen belanden. Bewoners en ondernemers in stadsdelen als Centrum en Zuid vragen zich af wat dit betekent voor aangifte doen in de stad.
OM seponeert smaadzaak
Seponeren betekent dat het OM besluit niet te vervolgen. Dat kan als er te weinig bewijs is of als vervolging niet in het algemeen belang is. Het dossier wordt dan gesloten en er komt geen strafzitting. Het OM kan een sepot later herzien als er nieuwe informatie opduikt.
Het besluit gaat om een aangifte van smaad in de kwestie rond zanger Marco Borsato. Het zegt alleen iets over dit onderdeel en niet over andere mogelijke procedures. Op het moment van schrijven zijn geen extra details over de motivering openbaar gemaakt. Voor betrokkenen is vooral duidelijk dat er nu geen strafrechtelijk vervolg komt.
In Amsterdam is veel debat over wat je online kunt zeggen zonder de wet te overtreden. Het gaat vaak om de grens tussen een mening en schadelijke beschuldigingen als feit presenteren. Juristen en mediaprofessionals in de hoofdstad letten daarom scherp op dit soort beslissingen. Het helpt hen uitleggen waar die grens in de praktijk ligt.
Gevolgen voor Amsterdamse melders
Voor Amsterdammers die aangifte van smaad willen doen, laat dit zien dat een strafzaak niet vanzelfsprekend is. Het OM weegt bewijs, context en het maatschappelijk belang. Dat kan betekenen dat een zaak wordt geseponeerd, ook als iemand zich gekwetst of beschadigd voelt. Het is dus belangrijk om bij een melding zoveel mogelijk feitelijk materiaal mee te nemen.
Smaad en laster draaien om het bewust schaden van iemands eer met onware of onnodig grievende uitingen. De context is belangrijk: wat is gezegd, waar, en met welk doel. Een stevige mening mag, maar iemand beschuldigen van feiten zonder bewijs kan strafbaar zijn. Online berichten in Amsterdam, bijvoorbeeld op buurtapps of social media, vallen daar ook onder.
“Smaad en laster zijn klachtdelicten: vervolging start meestal pas na een klacht van de benadeelde.”
In de hoofdstad kun je aangifte doen bij de politie, online of op een bureau in bijvoorbeeld Centrum, Oost of Nieuw-West. Neem screenshots, links en data mee, zodat de politie het goed kan vastleggen. Zonder die stukken is het voor het OM lastiger om een zaak op te bouwen. Dat verkleint de kans op vervolging.
Aangifte doen in de stad
Aangifte kan via politie.nl of na afspraak op een politiebureau in jouw stadsdeel. Leg kort en duidelijk uit wat er is gezegd of geschreven en waarom dat schadelijk is. Noteer ook wie het heeft geplaatst en waar het bericht staat. Die basis helpt bij de beoordeling van de zaak.
Na de aangifte komt het dossier bij het OM, doorgaans het parket dat voor Amsterdam bevoegd is. Daar wordt besloten of de zaak naar de rechtbank gaat, wordt aangevuld of wordt geseponeerd. Dat kan enkele weken tot maanden duren, op het moment van schrijven afhankelijk van drukte en complexiteit. Je krijgt bericht over het besluit en de reden.
Slachtofferhulp Nederland is in Amsterdam beschikbaar voor ondersteuning, ook als er geen strafzaak komt. Het Juridisch Loket Amsterdam kan gratis eerste advies geven over vervolgstappen. Denk aan bewijs verzamelen of een civiel traject starten. Zo houd je grip op de situatie, ook bij een sepot.
Civiele route via rechtbank
Als het strafrecht stopt, blijft de civiele route bij de Rechtbank Amsterdam open. Je kunt dan vragen om een rectificatie, verwijdering of schadevergoeding. De rechter weegt vrijheid van meningsuiting tegen bescherming van eer en goede naam. Een advocaat kan helpen inschatten wat haalbaar is.
Gaat het om journalistieke publicaties, dan is een klacht bij de Raad voor de Journalistiek ook mogelijk. Dat is geen rechter, maar een tuchtrechtelijk orgaan dat adviseert over zorgvuldige pers. Een uitspraak kan leiden tot een rectificatie of aanpassing. Sommige redacties volgen zo’n oordeel op om vertrouwen te herstellen.
Bij online platforms kun je daarnaast verwijdering vragen op basis van huisregels of privacy. Lever hierbij duidelijke URL’s, datums en screenshots aan. In Amsterdam werken veel ondernemers en makers met heldere moderatieregels om escalatie te voorkomen. Dat helpt om discussies op sociale media binnen de perken te houden.
Online gedrag en beleid in Amsterdam
In Amsterdam zijn via de Openbare Bibliotheek Amsterdam en wijkcentra cursussen mediawijsheid te volgen. Bewoners leren daar veilig en verstandig omgaan met online informatie. Dat helpt misverstanden en escalaties te voorkomen. Ook voor ouderen en anderstaligen zijn er toegankelijke trainingen.
Scholen en jongerenteams in stadsdelen als Zuidoost en Nieuw-West besteden aandacht aan online pesten en reputatieschade. Zij leggen uit wat wel en niet mag op internet. Jongeren horen dat delen ook een daad is waarvoor je verantwoordelijkheid draagt. Zo wordt preventie onderdeel van het dagelijks onderwijs.
Ondernemers in de binnenstad en de Pijp krijgen steeds vaker te maken met scherpe online reviews. Een duidelijke klachtenprocedure en snelle reactie helpen dan. Brancheclubs zoals MKB-Amsterdam bieden praktische tips en voorbeelden. Daardoor kunnen kleine bedrijven in de stad hun reputatie beter beschermen.
Wat dit voor de stad betekent
Het sepot in de zaak rond Borsato laat zien dat niet elke smaadaangifte tot een strafzaak leidt. Voor Amsterdammers is het daarom belangrijk om verwachtingen te temperen en alternatieven te kennen. Denk aan een civiele stap of een verzoek tot verwijdering. Zo kun je toch resultaat bereiken.
Voor de gemeente Amsterdam en lokale instanties is heldere voorlichting essentieel. Eenvoudige uitleg over smaad, laster en privacy voorkomt onnodige klachten. Dat bespaart tijd bij politie en justitie en geeft bewoners duidelijkheid. Het vergroot bovendien het vertrouwen in de rechtsgang.
Tot slot geldt: bewaar bewijs, blijf feitelijk en zoek hulp waar nodig. Dat maakt elke stap sterker, of die nu strafrechtelijk of civiel is. En het helpt de stad om online gesprekken fatsoenlijk te houden. Zo blijft Amsterdam digitaal net zo leefbaar als op straat.

